Stoomketel F3600 gaat in de mottenballen

Stoomketel F3600 op Zuid gaat in de mottenballen. Waarom is hiervoor gekozen en wat voor problemen komen erbij kijken? Mottenballen is geen eenvoudige klus, zeker niet als je bedenkt dat er in Nederland geen ervaring is met buitenketels die ‘gemottenbald’ zijn en jaren later weer in bedrijf zijn genomen. 

Ketel F3600 was dringend toe aan een upgrade van de regeling en beveiliging. Bij snelle variaties in de calorische waarde van de brandstof was de ketel onvoldoende beveiligd. Bovendien was er flinke corrosie in de branders ontstaan, onder andere door verkeerde materiaalkeuze bij de nieuwbouw. In plaats van een upgrade van de ketel kwam er echter een discussie op gang. Is zo’n investering wel economisch verantwoord, gelet op de lagere stoomvraag? We hebben op Noord nog twee prima hogedrukketels van 140 bar (F3500 en F3501) en daarnaast is er de WKC-S van EPG. Bij de klanten bleek geen draagvlak te zijn voor de noodzakelijke investering in ketel F3600. Het stoomketelpark van EdeA kon best worden gereduceerd met een ketel; er is altijd voldoende reservestelling omdat de verwachte stoomvraag in de toekomst daalt. Dus werd besloten om F3600 uit het productiepark te halen en in de mottenballen te zetten. Maar wordt dit voor 5 of voor 15 jaar? Die scope en de daarmee samenhangende kosten zijn op dit moment nog onduidelijk. Een lastige keuze ook, want wat gaat de stoomvraag in de toekomst doen?

Onderzoek
Dennis Clahsen is als productie-ingenieur belast met het project om de stoomketel in de mottenballen te zetten. Dennis vertelt: “Het is geen eenvoudige klus, als je bedenkt dat er in Nederland weinig ervaring is met buitenketels die ‘gemottenbald’ zijn en jaren later weer in bedrijf zijn genomen. Om te beginnen hebben we de literatuur geraadpleegd en hebben we met allerlei deskundigen binnen en buiten EdeA gebrainstormd. Vragen die daarbij aan de orde kwamen, waren: hoe gaan we de ketel conserveren? Wat doen we met de luchtkanalen, vuurhaard en rookgaskanalen? Wat doen we met isolatie om de ketel, leidingen en ontgasser? Laten we wel of niet de periodieke keuringen en het onderhoud doen? Laten we de milieuvergunning vervallen? En wat zijn de kosten van mottenballen voor 5 en voor 15 jaar?”

Voorstel 
Het onderzoek resulteerde in een concreet voorstel aan MT. Dennis: “De installatie wordt koud en droog geconserveerd met lichte stikstofoverdruk op keteldelen, stoomleidingen, ontgasser en drum. De maximale stikstofdruk voor het inertiseren (verdrijven van zuurstof) is 0,5 bar. De drukhouders worden afgemeld bij keuringsinstantie Lloyd’s, maar de milieuvergunning van de provincie blijft gehandhaafd. Het gassysteem wordt geïnertiseerd en de hoofdgastoevoer afgestoken. De lucht- en rookgaskanalen en de vuurhaard worden luchtdicht gemaakt en aangesloten op een externe luchtdroger die droge lucht laat circuleren. De E-motoren worden afgekoppeld en geconserveerd opgeslagen, maar alle overige E-apparatuur blijft wel gewoon onder spanning staan. Het is nog onduidelijk welke apparatuur er uiteindelijk vervangen moeten worden als de ketel opnieuw in bedrijf genomen wordt. 
In verband met de veiligheid en mogelijke diefstal is het gebied rond de ketel met hekken afgezet en zijn er waarschuwingsborden geplaatst. Wie de installatie wil betreden, moet een O2-meter dragen en heeft toestemming van de chef van de Wacht nodig.”

Zorgpunten in de scope
“Het conserveren van de vuurhaard van binnen, de ketel aan de buitenkant en de geïsoleerde leidingen zijn nog grote zorgpunten. Dat komt omdat er zo weinig ervaring is met mottenballen van installaties voor langere tijd. We zijn er nog niet uit hoe we de buitenkant van de keteldelen, drum, ontgasser en leidingen gaan coaten. De opties zijn: isolatie verwijderen, coating aanbrengen en/of een tent plaatsen over de hele ketel. Dat laatste kan met behulp van een steiger rond de ketel of door middel van sealen met krimpfolie. We moeten namelijk voorkomen dat er corrosie ontstaat, maar het is onzeker hoe snel dat gebeurt bij een periode van 5 of 15 jaar.” 

Stand van zaken
Op 28 oktober vorig jaar is de ketel uit bedrijf genomen. Hij wordt in drie fasen in de mottenballen gezet. Fase 1 bestond uit het veiligstellen van de ketel na de uitbedrijfname en onder lichte N2-druk zetten. Ook zijn diverse leidingen gedraind en veiliggesteld. Fase 2 is voor 60% klaar en bestond uit het winterklaar maken van de ketel. Fase 3 is het uitvoeren van de maatregelen tot mottenballen, bijvoorbeeld het plaatsen van steekschijven, het verwijderen van isolatie en het aanbrengen van coating. Dat moet nog helemaal gebeuren. “Zodra de scope en raming definitief zijn, weten we welke maatregelen we moeten treffen”, aldus Dennis.